De Russen hadden een bloedhekel aan iedereen in het Westen, maar aan christenen in het bijzonder, wist mijn moeder. En daarbij ging het ze natuurlijk niet in de eerste plaats om de Dorpskerk, daar moesten ze vooral om lachen, waarna ze er evengoed een paar handgranaten naar binnen zouden gooien. Nee, het ging de Russen in de allereerste plaats om de Gereformeerde Bond.
De bezetting van West-Europa had als voornaamste doel de Gereformeerde Bond onschadelijk te maken. Want de Russen wisten ook wel wie de enig ware God was: die van de Gereformeerde Bond. Maar dat leidde er niet toe dat ze zich bekeerden. Nee, ondanks die kennis ‘verhardden hun harten zich,’ zoals dominee De Bie dat noemde. In plaats van zich aan te sluiten, gingen ze er met volle kracht tegen in.
Waar dacht je dat ze anders al die honderden ss-20-kernraketten voor hadden opgesteld? Daar konden ze West-Europa wel tien keer mee vernietigen. Ze hadden er zoveel omdat ze bij Gereformeerde Bondsgemeenten geen enkel risico wilden nemen, die moesten echt helemaal plat. Het verhaal deed de ronde dat die ss-20’s niet primair op Parijs of Londen waren gericht, maar op Staphorst, Tholen, Harderwijk, en, ja echt, op onze Maranathakerk.
Uit: Altijd zondag – Kees Versluis
Uitgeverij Meulenhoff